Column: “Thank you Mr. White Man”

Tighadouini op weg naar Esbjerg fB
donderdag, 30 augustus 2018, 16:46
Video: Amrabat scoort winnende treffer voor Al Nassr in extremis
donderdag, 30 augustus 2018, 20:26
Bekijk alles

Ingezonden door één van onze volgers

In de tijd van de slavernij, hadden sommige ‘meesters’ een theorie ten behoeve van hun katoenindustrie. Om kwaliteits-slaven te bezitten, lieten ze sterke slaven en slavinnen met elkaar kinderen krijgen. Dit in de hoop dat de kinderen die daar uit voort kwamen erg krachtig zouden zijn om ingezet te worden voor katoenarbeid of gevechten tegen andere slaven.

Nu wil ik niet zeggen dat sommige uitspraken met betrekking tot de keuze van Noussair Mazraoui met slavernij te maken heeft. Dat zou te ver gaan. Ik vind één van de uitspraken, die onder andere door Johan Derksen is aangehaald, wel eng in de buurt komen. Namelijk die van: “Als Nederland ze niet selecteert, dan is er geen alternatief en kun je ze niets kwalijk nemen.” Als er dus wel een alternatief is, dan zou er geen sprake moeten zijn van een keuze. Met andere woorden, de grote Marokkaanse talenten in Nederland moeten voor het Rijk der Lage Landen kiezen. En de ‘net-nietjes’? Veel succes bij Marokko.

In 2012 ging hij nog veel verder dan dat. Daarin gaf hij tijdens de VI-uitzending van 9 april aan dat Marokkaanse spelers profiteerden van het Nederlands systeem om daarna voor Marokko te kiezen. Toen Emile Schelvis scherp reageerde met dat dit een vrije keuze is, was het repliek van de analist: “Omdat die keuze vrij is, zouden ze voor het land moeten kiezen dat ze heeft geadopteerd.”

Afgelopen maand voegde hij daar nog iets aan toe. Marokkaanse jongens zouden het begrip kritiek niet kennen. Maar op het moment dat een Marokkaanse speler de bal vol in de kruising schiet, moet deze speler het te danken hebben aan zijn Nederlandse opleiding. Volgen jullie het nog?

Ik wil nu niet een heel column aan Johan Derksen wijden. Maar blijkbaar fungeert hij als een soort klankbord voor een deel van autochtoon Nederland. Veel van dit soort reacties, die vanuit een onderbuik gevoel lijken te komen, hebben we ook de afgelopen dagen op fora mogen lezen. En geloof het of niet beste lezer, na al die jaren sta ik nog steeds met mijn mond vol tanden hoe bekrompen mensen kunnen zijn. Ik sta werkelijk perplex dat iemand die geen Marokkaan is, geen Marokkaanse vrienden heeft en niet dezelfde weg heeft bewandeld, toch denkt dat hij precies kan aangeven wat er mis is met ‘de Marokkaan’. Er wordt gedetailleerd uitgelegd hoe verkeerd het wel niet is om voor Marokko te kiezen als je in Nederland woont.

Er zijn een aantal aspecten die ervoor zorgen dat een Marokkaan zich meer verbonden voelt met zijn Marokkaanse identiteit. We kennen de rol van de media hierin, die bij positieve gebeurtenissen de Nederlandse identiteit belicht en andersom bij negatieve gebeurtenissen. Als men daar dan wat van vind, dan wordt ons ‘calimero’-gedrag verweten. Een beetje de pot verwijt de ketel als je het mij vraagt.

Is het gek dat we ons zo Marokkaans voelen? Eind jaren ’60 en begin jaren ’70 kwamen de arbeiders vanuit onder andere Marokko naar Nederland. We waren toen nog graag geziene mensen, vanwege het tekort aan mankracht op de arbeidsmarkt maar ook vanwege de harde manier van werken. De vacatures voor hoogopgeleiden waren toevallig vervuld, maar in de schoonmaak, fabrieken en groenten- en fruit verwerkende industrie waren er genoeg banen.

Sterker nog, als je in Marokko een goede opleiding had genoten dan was dit diploma in Nederland eigenlijk niet zoveel waard en kon je opnieuw beginnen. De arbeiders leefden met elkaar in pensions en hadden buiten elkaar weinig sociale contacten. En eigenlijk kunnen we die pensions in de jaren ’80 en ’90 vergelijken met hele buurten. Marokkanen kregen massaal huizen toegewezen in achterstandswijken. Daar spraken ze Marokkaans met elkaar, voedden ze hun kinderen op vanuit hun eigen referentiekader en moesten ze het doen met financiële middelen die overeenkwamen met de arbeid die zij verrichtten. Hun kinderen zagen en ervaarden op school het verschil in maatschappelijke klassen en trokken meer naar elkaar toe. Er ontstond een soort beschermingsmechanisme onder elkaar, net zoals dit het geval was bij de autochtone kinderen.

We zijn nu ruim 30 jaar verder. De autochtone kinderen van toen zijn inmiddels zelf volwassen en hebben ook weer kinderen. En nog steeds vraagt een deel van die groep zich af: Hoe kan het toch, dat die Marokkanen zoveel binding hebben met een land waar ze niet zijn geboren? Als het geen probleem was toen we nog een maatschappelijke achterstand hadden, zou je consequent moeten zijn en het nu ook geen probleem moeten vinden. Anders bezit je op z’n minst eigenschappen zoals die ‘meester’ die sterke slaven wilde creëren.